Bij MCF Europe in Almere werken 500 werknemers van ruim 50 verschillende nationaliteiten. De or vormt een bont gezelschap, inclusief een Turk, ofwel Jeff Kizilay, die sinds enkele maanden or-voorzitter is. ‘Toen ik me in 2006 aanmeldde als or-kandidaat’, zegt Kizilay, datacontroller en 18 jaar werkzaam bij MCF, ‘was ik benieuwd naar wat er in het bedrijf speelde. Die nieuwsgierigheid heb ik nog steeds.’
In het verleden werd MCF topdown gerund. De or kwam er alleen omdat het wettelijk verplicht was. Faciliteiten kreeg de raad nauwelijks. En informatie mondjesmaat. Werkgever en werknemers waren opponenten, totdat de or zes jaar geleden met een visienota het initiatief nam voor samenwerking.
De boodschap was dat de werknemer centraler moest komen te staan en de medezeggenschap niet langer een wassen neus mocht zijn. Wat hielp was een wisseling in het management en het feit dat het MCF tussen 2005 en 2007 economisch voor de wind ging. Het management liep warm voor een socialer beleid. Beginners kunnen nodige competenties bijleren, managers worden getraind in leiderschap. Kizilay: ‘We zijn als bedrijf en als or volwassener geworden.’
Zijn Turkse afkomst was voor Kizilay geen reden extra aandacht te vragen voor diversiteitsbeleid bij MCF. Dat zit immers in het DNA van dit internationaal georiënteerde bedrijf, waar naast Nederlands Engels de voertaal is. ‘De gezondheid van het bedrijf als totaal vind ik belangrijker dan aandacht opeisen voor een specifieke doelgroep.’ Ook nu de crisis heeft toegeslagen en het bedrijf 30 procent is afgeslankt. Zelfopgelegde taken van de or: zoveel mogelijk mensen binnen houden en de werkdruk hanteerbaar houden. Cengiz Hamamioglu heeft bij schoonmaakbedrijf Hago in de regio Twente de leiding over een ploeg van 35 werknemers – hij begon er als schoonmaker. ‘Ik wilde doorgroeien. Medezeggenschap is daar onderdeel van.’ De schoonmaakbranche telt veel allochtone werknemers. Alleen al bij Hago op Schiphol werken 11 nationaliteiten, maar Nederlands blijft de voertaal. Mensen uit Europese en niet-Europese landen die hier willen wonen en werken, moeten inburgeren en de taal leren. Van hun kant doen Hago en de or hun best om iedereen goed voor te lichten over arbeidsomstandigheden en veiligheid.
De or is extra alert op signalen van discriminatie of intimidatie op de werkvloer. ‘We hebben daar ook een vertrouwenspersoon voor’, zegt Hamamioglu. ‘Ook heeft de or een eigen spreekuur.’ Probeert MCF met cursussen de werknemers zoveel mogelijk bij te scholen, ook Hago biedt volgens Hamamioglu voldoende kansen voor loopbaanontwikkeling. ‘We zitten te springen om mensen die voorman of voorvrouw willen worden. Je kunt hier schoonmaakploegen niet alléén door Nederlandse mensen laten leiden. En de or evenmin.’ Voor de or-verkiezingen in 2009 waren vijf kandidaten van Turkse en Marokkaanse komaf benaderd. ‘Maar zij haakten af omdat ze opzagen tegen lange treinreizen naar de or-vergaderingen op ons centrale kantoor in Den Bosch. We moeten er iets op vinden om dat aspect minder ingewikkeld te maken.’













